Warmte wordt nu breed gezien als onmisbare schakel in de duurzame energietransitie naar 2050. De regio Zuid Holland heeft zicht op wat er nodig is om te kunnen toewerken naar een  CO2-neutrale gebouwde omgeving in 2035. Terugkijkend ziet het Programmabureau Warmte Koude Zuid-Holland terug op onderscheidende acties. Vooruitkijkend staat het bureau voor een brede aanpak, een route van gas af en publieksacties. Een interview in een drieluik met de directeur van het Programmabureau, Maya van der Steenhoven.

Het Programmabureau Warmte Koude Zuid-Holland is op 11 oktober 2013 van start gegaan. Het Programma Warmte-Koude Zuid-Holland werkt aan de energietransitie in deze provincie. Deze breed gedragen samenwerking van maar liefst 33 publiek-private partijen wordt tot januari 2018 verlengd. De deelnemende partijen zijn: Afval- en Energiebedrijf AVR, Alliander Duurzame Gebiedsontwikkeling, Deltares, Dunea NV, Ennatuurlijk, Eneco Warmte en Koude, Engie, Gemeente Delft, Gemeente Den Haag, Gemeente Lansingerland, Gemeente Leiden, Gemeente Pijnacker-Nootdorp, Gemeente Rotterdam, Gemeente Westland, Havenbedrijf Rotterdam, HEINEKEN Nederland, Het openbaar lichaam Drechtsteden, HVC, ING Bank, LTO Noord Glaskracht, MRDH, Nuon Warmte, OCAP, Powerhouse, Provincie Zuid-Holland, Rabobank International, Stedin Netbeheer, Stichting Warmtenetwerk, TU Delft, Uniper, Warmtebedrijf Rotterdam en Westland Infra, Woonbron.

maya-van-der-steenhoven

‘Net als roken hóórt gas niet bij de nieuwe tijd’

Met het initiatief Gas uit de Gebouwde Omgeving wil het Programmabureau Koude Warmte Zuid-Holland mensen laten nadenken over een leven zonder aardgas. Hoewel we fossiele brandstoffen moeten afbouwen in de strijd tegen klimaatverandering, worden nog steeds wijken gebouwd met gasaansluitingen. Terwijl aardgas ons afhankelijk maakt van instabiele landen en de voorraden ooit opraken.

Wat is jullie gedachte achter de campagne gericht op aardgasloze wijken?
“De bevolking moet ervan bewust wordendat we van gas af moeten. In het verleden suggereerden producenten dat gas schoon is, maar dat is het niet. Sommige mensen zijn zich niet eens ervan bewust dat gas een fossiele brandstof is. Wie nu nog een ketel plaatst, gaat verlies leiden: die gebruik je waarschijnlijk niet meer op. En vergeet niet de schade aan panden in Groningen door aardbevingen die het gevolg zijn van aardgasboringen.”

Maar we zijn zo gewend geraakt aan aardgas
“Vanuit de tijd van de jaren zestig is het te begrijpen dat overal gasnetten werden aangelegd. Nu zouden we echter geen aardgas meer gebruiken. Met gas kun je tot vijftienhonderd graden verwarmen, maar wij zetten het heel laagwaardig in, om een huis op twintig graden te verwarmen. Dat is hetzelfde als wanneer je kaviaar als voer voor je vissen geeft.”

Welke toon krijgt de campagne?
“Aardgas hóórt niet meer in de nieuwe samenleving. Aardgas is het nieuwe roken. Dat mensen niet van gas af zouden willen – wat ik wel eens hoor – is onzin. Ze weten vaak niet eens dat ze gas gebruiken voor verwarming. Als ze maar kunnen koken en het huis warm wordt.”

Hoe ziet de campagne eruit?
De verandering die we teweeg willen brengen, is dat gas niet langer beschouwd wordt als een acceptabele optie voor de verwarming, het verkrijgen van warm water en voor het koken. De burger bestaat uit verschillende groepen, die op verschillende manieren bereikt gaan worden. Zo is er een campagne via social media, die gericht is op millennials. We richten ons op experience en lifestyle en vertellen daarbij: ‘Aardgasloos wonen is al van nu.” Zo laten we bijvoorbeeld een blogger haar ervaringen vertellen over hoe goed het koken zonder gas gaat. En we leggen uit wat mensen zelf kunnen doen: je kunt bijvoorbeeld als buurt de gemeente aanschrijven dat je van gas af wil, zoals in Leiden is gebeurd.”

Wie is jullie doelgroep?
“De burger. Die kan ook een raadslid of een ondernemer zijn. We beginnen met de mensen die zich bewust zijn van de bijdrage van aardgas aan de klimaatverandering. Anderen volgen dan vanzelf. Met de huidige prijs van gas kunnen we moeilijk een transitie bereiken; daar kan niets tegenop. Het gas moet duurder en het duurzame alternatief goedkoper. Natuurlijk moet dan voor mensen met minder inkomen, om armoedeval te voorkomen, een energie-uitkering komen. We kunnen niet gasgebruik blijven subsideren en ondertussen hopen dat mensen overstappen op het duurzame alternatief . Actie is nodig als je onder die anderhalve procent temperatuurstijging wilt blijven, zoals in het Klimaatakkoord van Parijs is afgesproken.”

Acteert het programmabureau in deze campagne alleen?
“Nee, dit kunnen wij niet alleen. We stimuleren onder andere corporaties en niet-gouvernementele organisaties hun rol op te pakken om te promoten van gas af te gaan. Zie ons als first-movers. Als we het in beweging hebben gebracht, gaan wij weer wat anders doen.”

‘Voor de energietransitie is elke duurzame bron nodig’

Met het initiatief Gas uit de gebouwde omgeving  verbreedt het Programmabureau Koude Warmte Zuid-Holland zijn werk. Niet meer alleen collectieve warmte, maar ook all electric en biogas. Het wil met deze strategie voor het nieuwe programmajaar aan de energietransitie in het geheel werken, ongeacht welke energiemaatregel.

Wat is er allemaal bereikt de afgelopen drie jaar?
“We hebben onder andere in kaart gebracht hoe groot de opgave voor de energietransitie is. Dan weten we waarover we praten. Zuid-Holland verbruikt een derde van alle energie in Nederland. De opgave wordt onderschat. Elektriciteit voor huishoudens is slechts een klein deel van ons totale energieverbruik en toch gaat daar alle aandacht steeds naar toe. De opgave is honderd keer zo groot en vraagt om heel veel verschillende maatregelen. Zou je dat met enkel  windturbines willen oplossen, dan heb je er tienduizenden van nodig; ”duizenden” per gemeente. En wanneer je op elke geschikte plek zonnecollectoren zou leggen, voorzie je nog maar voor tien procent in de behoefte. Het is dan ook oliedom om niet naar restwarmte en geothermie te kijken. Je moet alle bronnen naast elkaar zien.

Daarnaast hebben we collectieve lagere temperatuur op de agenda gezet. Dit leidt tot nieuwe pilots. En met ‘nul op de meter’ hebben we samen met de Energiesprong uitgezocht of we met collectieve warmtevoorzieningen ook bij kleinere  vraag na flinke isolatie een businesscase kunnen maken.  Daarnaast is de warmtekoude-atlas een belangrijke ontwikkeling. Die geeft per wijk en per maatregel aan wat de mogelijkheden zijn voor duurzame energie. Het is geen exercitie van bovenaf maar biedt inzicht in de situatie en opties, waardoor het een praatplaat voor bewoners en partijen is hoe zij van gas af kunnen komen. Dat past bij de trend dat burgers zelf aan het roer willen staan.”

Waarom vinden deze ontwikkelingen in Zuid-Holland plaats?
In Zuid-Holland is er al veel warmte infrastructuur en Zuid-Holland is klaar voor de sprong naar opschaling en verduurzaming. Daarnaast is Zuid-Holland het geothermie-lab van Nederland. Dit komt mede door de kansen die worden voortgebracht door een warmteintensieve en innovatieve sector als de glastuinbouw.

Het Programmabureau heeft verlenging voor een jaar gekregen. Wat wordt de koers voor komende tijd?
“We kijken niet alleen naar warmte maar naar alle alternatieven voor aardgas, zoals all-electric, biogas, besparingsoplossingen en collectieve warmte. Dat deden we eigenlijk al, maar we nemen het nu in ons beleid op. Als je onder de anderhalve procent verhoging van de temperatuur op de Aarde wilt blijven, is een andere economie nodig. Waarom zijn auto’s bijvoorbeeld nog van staal gemaakt, wat veel energie vergt en niet van een ander materiaal? Waarom gaan we in woningen behalve aardgasloos, niet ook energie produceren? De energiebron is in die transitie veel minder  belangrijk op de korte termijn. In Nederland hebben we het te veel over ‘peanuts’: of wind, of zon of gas. Je kunt wind- en zonne-energie niet voor alles gebruiken, je hebt ook andere energievormen nodig. En je kunt het niet allemaal lokaal oplossen. Anders zou je de hele Rotterdamse haven moeten platgooien en er windturbines moeten neerzetten.”

Staat ‘warmte’ dan inmiddels goed op de kaart?
“We zien duidelijk beweging. Er is nu een ‘warmtetafel’ waaraan alle partijen – overheden, afnemers, producenten en anderen – zitten. Er is nu ook een Warmtevisie. Mensen zien welke waarde warmte in de energietransitie heeft. Warmte heeft nog steeds wel een push nodig, maar ‘all electric’ óók. Er gaat namelijk nog steeds een paar honderd miljoen euro per jaar naar de gasinfrastructuur. Dan past geen middelendiscussie – zon, wind of warmte. Want dan heb je echt niet begrepen hoe groot de opgave is.”

Met zo’n campagne  gericht op aardgasloze wijken en een warmtekoude-atlas stimuleren jullie de beweging van onderop. Hoe zit het met de beslissers?
“Je kunt het niet van bovenaf organiseren. Je kunt wél criteria stellen en het proces begeleiden door inzicht te geven op kosten en effecten van keuzen. Gemeenten kunnen dat niet zelf. Wat betreft de netbeheerders zie je het Kodak-effect: Kodak wist dat moderne fotografie eraan kwam, maar bleef rolletjes maken en miste zo de boot. Op netbeheerbedrijven heeft de energietransitie hetzelfde effect.

Kunnen de netbeheerders dat aan?
“Het vraagt verlicht leiderschap. Je moet jezelf uit de kuil kunnen trekken. Ze weten: elk gasnet dat er nu bijkomt, is niet meer vijftig jaar nodig. Dus dan loop je vijftien à dertig jaar verlies op. netbedrijven denken nu hard na: ‘Hoe komen we hieruit?’ Maar je hebt ook nog de toezichthouder: die moet toch doorhebben dat er vanaf 2050 geen gas meer is. Met haar huidige beleid op de gasinfrastructuur geeft ze de indruk af dat ze leeft in een vacuüm. We gaan zo snel de transitie in dat soort grote overheids organisaties te log blijkt om hierop snel te kunnen reageren. Daarom is een beweging van onderop nodig.”

‘We staan voor de grootste transitie van de eeuw’

De opwarming van de Aarde mag in 2100 niet meer dan anderhalve graad zijn. Zo is de afspraak in het Klimaatakkoord van Parijs uit 2015. Nederland wil in 2020 14 procent van alle gebruikte energie uit hernieuwbare bronnen laten komen. En in 2050 moet de uitstoot van CO2 80 tot 95 procent lager zijn. Het Programmabureau Koude-Warmte Zuid-Holland draagt bij aan de transitie in deze provincie.

Waar staan we in de transitie?
“Die is nog niet in volle gang. We zitten in de voorbereidings- en bewustwordingsfase. Het vereist namelijk een volledig andere kijk. De Omgevingswet kan daarbij helpen, want die houdt rekening met een omslag. Maar kijk… (ze wijst naar een file buiten) We zijn nog niet in transitie. Op dit moment zitten we nog volop in de fossiele fase. Nederland is niet serieus aan de transitie begonnen; wel retoriek, weinig daden.”

Wat is er nodig?
“Een productieproces in de industrie waarbij niets wordt weggegooid. Een volledig andere vorm van mobiliteit. Een andere manier van wonen. De energietransitie is de grootste transitie van de eeuw: economisch, sociaal en cultureel.”

En op welke manier gaan we die omslag op energiegebied maken?
“Onderzoeksbureau Kamangir heeft drie scenario’s uitgewerkt: we lossen het lokaal op; de oplossing komt vanuit de haven; of we richten ons volledig op elektriciteit, ‘all electric’. Elk scenario geeft een rampzalig beeld. De oplossing zal een combinatie van de positieve punten uit alle drie scenario’s moeten zijn. Wind- en zonne-energie zijn belangrijk, maar niet voor elke vraag een oplossing. Zaak is een robuuste en realistische energietransitie met minder ruimtelijke impact.”

Zonder dat burgers weer in verzet komen, zoals tegen windturbines?
“Mensen zijn bang voor verandering; nieuw is onbekend. We hebben geen moeite met gas uit Siberië via pijpleidingen met enorme impact voor omgeving en natuur, maar vinden het overstappen op een warmtenet eng. Publieke steun hangt af van mensen die op de bühne gaan staan. Tegelijk blijft een overheid nodig die zegt: ‘We gaan hopelijk per 2035, maar in ieder geval zo snel als mogelijk van gas af’. De transitie krijg je niet alleen van onderaf voor elkaar. Daarbij is wel steun van burgers nodig, tijdens onder andere verkiezingen. Zij worden overtuigd wanneer producten interessant worden, doordat die betaalbaar, veilig en eenvoudig zijn. Daarom brengen we enerzijds partijen bij elkaar en werken we anderzijds aan gemakkelijke producten voor mensen.”

Een laatste opmerking?
“Deze transitie van gas af biedt veel kansen aan bedrijven en dienstverleners om nieuwe producten te ontwikkelen. We gaan mooier en comfortabeler wonen, energie wordt uiteindelijk goedkoper. Dit heet vooruitgang. “